Vakbond van de straat wil heropening jongerencentrum

dinsdag 6 oktober 2020 11:04

Blik op Zeewolde- Jongerencentrum The Basement is nu alweer ruim twee jaar dicht. Oud-bezoekster Mandy nam het initiatief voor de ‘Vakbond van de straat’, die ijvert voor heropening, maar wel in combinatie met het straathoekwerk. Ook de scholierenraad in oprichting wil het gebouw weer open. Wethouder Winnie Prins: ‘Waarom het indertijd gesloten werd? Het gebouw voldeed niet meer aan de nieuwste eisen. ‘We kunnen moeilijk anderen allerlei eisen opleggen om daar zelf niet aan te voldoen.’

(dit artikel verscheen eerder in de papieren editie van Blik op Zeewolde van 30 september)

Mandy: ‘We maken ons zorgen om de jongeren van nu. We willen dat ze dezelfde kansen krijgen als wij.’ In The Basement bleek de combinatie jongerencentrum en straathoekwerk succesvol. Ik hoor op straat veel vragen van jongeren wanneer het jongerencentrum weer terugkomt. Het is belangrijk dat de jeugd een plek heeft waar ze terecht kan.’

Eén van de eerste actie was een podcast, een gesprek tussen vier voormalige bezoekers en Marin Jongetjes, die als straathoekwerker het centrum de laatste jaren draaide. De podcast werd opgestuurd naar de burgemeester, wethouder Prins en beleidsambtenaren, waarna op het gemeentehuis een gesprek volgde. ‘De wethouder vertelde dat ze ermee bezig zijn en dat er beweging in zit.’ De vakbond van de straat heeft ook gesproken met een aantal politieke partijen en een brief aan de gemeenteraad zit er aan te komen. Mandy: ‘En als ik bij de raad moet inspreken, dan doe ik dat.’ De actie groeit ‘organisch’, het plan is dat de vakbond groot wordt. ‘We zijn nog maar net begonnen met onze actie. We gaan door tot we bereikt hebben wat we willen. Dit is het waard om voor te vechten.’

Het centrum was bedoeld voor jongeren in de leeftijd van 12 tot 18 jaar om na school te  ‘chillen’, maar ook vragen stellen over eventuele problemen met werk, school, thuis of drank en drugs. De inloopavonden werden gedraaid door het straathoekwerk, dat als doel heeft jongeren (weer) te laten geloven in hun capaciteiten.

In de podcast haalt zij samen met andere ‘ex-jongeren’ Tamara, Loek en Sebas, op wat het centrum voor hen betekende. Wat voor jongeren kwamen er, vraagt Marin. Tamara: ‘Jongeren die niet de liefste thuis waren. Jongeren die daar kwamen hingen veel op straat rond.’ Sebas: ‘Je kwam daar om met je vrienden af te spreken. Je werd daar niet beoordeeld op wat je zei.’ Tamara: ‘Je kunt niet zeggen dat iedereen problemen had, maar toch wel de helft misschien.’ Marin: ‘Waarom was dat nodig, een plek om je thuis te voelen?’ Tamara: ‘Omdat het ook wel eens fijn om te praten met een volwassene die los staat van je ouders.’ Loek: ‘Je neemt sneller dingen aan van een volwassene die niet je ouder is.’ Sebas: ‘Moeten, dat wil je niet als je jong bent. Wat fijn was dat je gelijkwaardig was met de straathoekwerker, want wat je niet wilt is het idee dat je een cliënt bent.’ Mandy: ‘Ik ben een open ‘prater’, behalve als het moet. Bij Marin begon je met koetjes en kalfjes en eindigde je zonder dat je er erg in had met onderwerpen die er toe doen.’ Sebas: ‘Als je iets kwijt wilde kon dat, als je niets kwijt wilde, kon dat ook.’ Tamara: ‘In The Basement kwamen verschillende groepen jongeren bij elkaar om samen te ‘chillen’. Loek: ‘Buiten ging je niet met andere groepjes om. Dan ging je een bankje verderop zitten. Het was ook wel meer dan hangen, je kon er ook koken of tafeltennissen. Ik snap niet dat je zoveel jongeren in een dorp hebt en er niets mee doet. En dan nog verbaasd zijn dat er zoveel wordt gesloopt en drugs wordt gebruikt. Het klinkt stom, dat als er niets te doen is, dat je dingen gaat slopen, maar zo is het wel, denk ik.’ ‘Als The Basement er nu eens niet geweest was’, vraagt Marin. Loek zegt zonder aarzeling ‘Dan had je mij uit de goot kunnen vissen’. ‘Het was een stuk lastiger geweest’, zegt Tamara. Bas: ‘Het was heel anders gelopen’. Mandy: ‘Dan had ik wekelijks op het politiebureau gezeten en had ik niet gestaan waar ik nu ben.’

De mensen achter de Vakbond vroegen in de voorbereiding van de podcast tien andere, niet bij naam genoemde jongeren wat zij van het centrum vonden: ‘Een soort uitweg van alles’, ‘Een plek waar je nergens aan hoefde te denken, of juist misschien wel omdat je er kon praten’, ‘Een tweede thuis’, ‘Een plek waar je kon lachen en gek doen en niet aan alle ellende van thuis hoefde te denken’. ‘Ik was gewoon een kut-puber in die tijd, altijd tegendraads, moeite met autoriteit, experimenteren en dingen doen die niet mogen want dat is leuk….. ‘. ‘Daar kenden ze niet alleen mij, maar ook mijn vrienden en de wereld waar ik in leefde, ze wisten wat er speelde in de groep en bij mij, welke shit je tegenkomt.’ Marin: ‘Iedereen gaf aan dat het leven in die periode er uitzag als chaotisch, een achtbaan. Ze waren zoekende. Ja, werken in The Basement was best wel pittig’. Ontroerd zegt ze aan het eind van het gesprek: ‘Ik had niet gedacht dat het zoveel waarde voor jullie had, hoeveel het voor jullie betekend heeft.’

‘Mijn hart zegt: we gaan dat openen, maar het moet wel kunnen en het moet betaalbaar zijn om het geschikt te maken’, zegt wethouder Winnie Prins. De locatie Kluunpad is volgens haar wel ideaal. Direct naast de skatebaan en een straatvoetbalveld. In het gebouw zou het straathoekwerk weer (naast het werk op straat) een plaats kunnen krijgen, maar ook de buurtsportcoaches. Prins denkt dat het straathoekwerk niet thuishoort in de Eclips of Meermin, ook niet als dit laatste pand in de toekomst verbouwd zou zijn. ‘Misschien moet er zelfs wel een nieuw gebouw komen.’