Noodverordening Veiligheidsregio Flevoland (26 maart)

zaterdag 28 maart 2020 14:21

Blik op Zeewolde- Noodverordening van de voorzitter van de Veiligheidsregio Flevoland ter voorkoming van verdere verspreiding van het coronavirus/COVID‐19 (Noodverordening  COVID‐19 Veiligheidsregio Flevoland 26 maart 2020) 

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen    Artikel 1.1. Werkingssfeer  Deze verordening is van toepassing op het grondgebied van de gemeenten die behoren tot de  Veiligheidsregio Flevoland, te weten Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk en  Zeewolde.     Artikel 1.2. Begrippen  In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:  ‐ contactberoepen: beroepen waarbij het niet mogelijk is ten minste 1,5 meter afstand te houden  tot de klant of patiënt;  ‐ eet‐ en drinkgelegenheden: inrichtingen waar ter plaatse eten of drinken wordt verkocht én  genuttigd, met uitzondering van inrichtingen in bedrijven die niet voor het publiek  toegankelijk zijn (bedrijfskantines en bedrijfscatering) en inrichtingen in hotels ten behoeve  van de hotelgasten;  ‐ evenement: elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van  markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onderdeel h, van de Gemeentewet en  betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;  hieronder vallen mede, maar niet uitsluitend, herdenkingsplechtigheden, braderieën,  optochten niet zijnde manifestaties in de zin van de Wet openbare manifestaties, feesten,  muziekvoorstellingen, wedstrijden, straatfeesten, barbecues en vechtsportwedstrijden;

‐ gezamenlijke huishouding: de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot, geregistreerde  partner of andere levensgezel en ouders, grootouders en kinderen, voor zover zij op één adres  woonachtig zijn;  ‐ kinderopvang: kinderopvang als bedoeld in de Wet kinderopvang;  ‐ onderwijsinstelling: school, instelling of exameninstelling in de zin van een onderwijswet als  bedoeld in artikel 1, onderdeel d, onder 1, van de Wet op het onderwijstoezicht, daaronder  begrepen een niet bekostigde instelling;  ‐ publieke ruimte: openbare ruimte en voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij  behorende erven;  ‐ samenkomsten: openbare samenkomsten en vermakelijkheden als bedoeld in artikel 174 van  de Gemeentewet, samenkomsten in voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij  behorende erven, alsmede in vaartuigen, en samenkomsten buiten de publieke ruimte;  ‐ sauna’s: sauna’s en andere vormen van wellness zoals Turkse stoombaden, hammams, beauty  farms, thermale baden, badhuizen en spa’s;  ‐ seksinrichtingen: inrichtingen waar bedrijfsmatig gelegenheid wordt gegeven tot het  verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling of bedrijfsmatig  vertoningen van erotisch‐pornografische aard worden aangeboden;  ‐ sport‐ en fitnessgelegenheden: sportaccommodaties en sportinrichtingen, waaronder  zwembaden, sporthallen en sportvelden;  ‐ stervensfase: de periode waarin de behandelend arts verwacht dat de betrokken in de  instelling of woonvorm in de ouderenzorg verblijvende persoon op betrekkelijk korte termijn,  dat wil zeggen binnen één tot twee weken, zal overlijden;  ‐ voorzitter: voorzitter van de veiligheidsregio Flevoland;   ‐ woonvorm in de ouderenzorg: een woonsituatie waarin minimaal drie bewoners verblijven  vanwege een somatische of psychogeriatrische aandoening of beperking en zorg ontvangen  als bedoeld in artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg;  ‐ zorg: zorg of dienst waarvan de bewoners van een instelling of woonvorm in de ouderenzorg  gebruik maken die met het oog op de gezondheid van de bewoners redelijkerwijs niet kan  worden uitgesteld;  ‐ zorginstelling: instelling die zorg als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet  langdurige zorg verleent aan personen die daarop recht hebben vanwege een somatische of  psychogeriatrische aandoening of beperking.       Hoofdstuk 2. Maatregelen    Artikel 2.1. Verboden samenkomsten en evenementen  1. Het is verboden om samenkomsten te laten plaatsvinden, te (laten) organiseren of te laten  ontstaan, dan wel aan dergelijke samenkomsten deel te nemen.  2. Het eerste lid is niet van toepassing op de volgende samenkomsten, mits de aanwezigen te  allen tijde ten minste 1,5 meter afstand houden tot de dichtstbijzijnde persoon:  a. wettelijk verplichte samenkomsten, zoals vergaderingen van gemeenteraden, mits daarbij  niet meer dan honderd personen aanwezig zijn, alsook vergaderingen van de StatenGeneraal;  b. samenkomsten die nodig zijn voor de continuering van de dagelijkse werkzaamheden van  instellingen, bedrijven en andere organisaties, mits daarbij niet meer dan honderd personen  aanwezig zijn;  c. uitvaarten en huwelijksvoltrekkingen, mits daarbij niet meer dan dertig personen aanwezig  zijn;
d. samenkomsten waarbij het recht zijn godsdienst of levensovertuiging vrij te belijden als  bedoeld in artikel 6 van de Grondwet wordt uitgeoefend, mits daarbij niet meer dan dertig  personen aanwezig zijn.  3. Evenementen zijn tot 1 juni 2020 verboden.   

Artikel 2.2. Niet in acht nemen veilige afstand  1. Het is verboden zich in een groep van drie of meer personen op te houden zonder tot de  dichtstbijzijnde persoon in die groep en andere personen een afstand te houden van ten minste  1,5 meter.  2. Dit verbod is niet van toepassing op:   a. personen die een gezamenlijke huishouding vormen;  b. kinderen tot en met 12 jaar die samenspelen onder toezicht van een of meer van hun ouders  of voogden die daarbij onderling een afstand van 1,5 meter in acht nemen.    Artikel 2.3. Verboden openstelling inrichtingen  1. Het is verboden om een van de volgende inrichtingen geopend te houden:  a. eet‐ en drinkgelegenheden, tenzij uitsluitend sprake is van de verkoop, aflevering of  verstrekking van eten of drinken voor gebruik anders dan ter plaatse (afhaalfunctie);  b. sport‐ en fitnessgelegenheden;  c. sauna’s;  d. seksinrichtingen;  e. coffeeshops, tenzij uitsluitend sprake is van de verkoop, aflevering of verstrekking van  softdrugs voor gebruik anders dan ter plaatse (afhaalfunctie);  f. inrichtingen waar speelautomaten als bedoeld in de Wet op de kansspelen kunnen worden  bespeeld;  g. inrichtingen waar op de uiterlijke verzorging gerichte contactberoepen worden  uitgeoefend.  2. Indien sprake is van verkoop, aflevering of verstrekking voor gebruik anders dan ter plaatse als  bedoeld in onderdeel a of e dient de duur van het verblijf zoveel mogelijk beperkt te worden.    Artikel 2.4. Verbod uitoefenen contactberoepen  1. Het is verboden om contactberoepen uit te oefenen.  2. Dit verbod geldt niet voor zorgverleners die hun beroep uitoefenen, mits voor deze uitoefening  een individuele medische indicatie bestaat en daarbij door de zorgverlener alle in verband met  COVID‐19 benodigde hygiënevereisten in acht worden genomen.    Artikel 2.5. Verboden gebieden en locaties  1. Het is verboden zich te bevinden in door de voorzitter aangewezen gebieden en locaties.  2. Dit verbod geldt niet voor:   a. bewoners van woningen die zijn gelegen in het gebied of de locatie;   b. personen die in het gebied of de locatie noodzakelijke werkzaamheden verrichten.    Artikel 2.6. Beëindiging voorziening openbaar vervoer  De voorzitter kan in overleg met de vervoerder voorzieningen voor openbaar vervoer beëindigen  of beperken, indien deze voorzieningen niet of niet in voldoende mate voldoen aan de eis van  verwezenlijking van de beperkende maatregelen met betrekking tot het houden van 1,5 meter  afstand tussen alle in de voorziening aanwezige personen, of aan het op adequate wijze zichtbaar  duidelijk maken daarvan, mits de beëindiging van deze voorziening het transport van personen die

werkzaam zijn in vitale processen of transport dat anderszins noodzakelijk is voor de mobiliteit van  Nederland niet onnodig belemmert.    Artikel 2.7. Verboden openstelling onderwijsinstellingen  1. Het is verboden om onderwijsactiviteiten te verrichten in onderwijsinstellingen, tenzij sprake is  van:  a. de organisatie van onderwijs op afstand, waarbij studenten en leerlingen via een (digitaal)  medium onderwijs krijgen in de thuissituatie;  b. de (nood)opvang van kinderen van ouders die werken in cruciale beroepen of voor vitale  processen, zoals beschreven op https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronaviruscovid‐19/veelgestelde‐vragen‐over‐coronavirus‐en‐kinderopvang/cruciale‐beroepen;  c. de organisatie van toetsing en examens, mits zorgvuldige maatregelen zijn getroffen om  het risico van besmetting te beperken; of  d. kleinschalig georganiseerde begeleiding van leerlingen voor wie vanwege bijzondere  problematiek of moeilijke thuissituatie maatwerk nodig is.   2. Onderwijsinstellingen zijn verplicht om mee te werken aan openstelling ten behoeve van  (nood)opvang als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.    Artikel 2.8. Verboden openstelling kinderopvang  1. Het is verboden om opvang te bieden in verblijven voor kinderopvang, tenzij sprake is van de  (nood)opvang van kinderen van ouders die werken in cruciale beroepen of voor vitale  processen, zoals beschreven op https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus‐covid19/veelgestelde‐vragen‐over‐coronavirus‐en‐kinderopvang/cruciale‐beroepen.  2. Organisaties voor kinderopvang zijn verplicht om mee te werken aan openstelling ten behoeve  van (nood)opvang als bedoeld in het eerste lid.    Artikel 2.9. Verboden toegang zorginstellingen en woonvormen ouderenzorg  1. Het is verboden om personen die niet noodzakelijk zijn voor de zorg toe te laten tot een door  de zorginstelling beheerde zorgaccommodatie of een woonvorm in de ouderenzorg, tenzij  sprake is van:  a. bezoek aan een naaste in de stervensfase of vergelijkbare omstandigheden;  b. structurele vrijwilligers;  c. het gerechtelijk horen van een cliënt op grond van de Wet zorg en dwang  psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte personen.   2. Het is verboden om zonder toestemming van de zorginstelling aanwezig te zijn in een door die  zorginstelling beheerde zorgaccommodatie of woonvorm in de ouderenzorg.      Hoofdstuk 3. Uitzonderingen    Artikel 3.1. Uitzonderingen  1. De verboden in deze verordening zijn niet van toepassing op:   a. de betrokken hulpdiensten en toezichthouders;  b. activiteiten die noodzakelijk zijn voor de voortgang van vitale processen zoals beschreven  op https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus‐covid‐19/veelgestelde‐vragenover‐coronavirus‐en‐kinderopvang/cruciale‐beroepen;  c. door de voorzitter te bepalen (categorieën van) gevallen.

2. De voorzitter kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een vrijstelling of ontheffing op  basis van het eerste lid, onderdeel c. Het is verboden om in strijd met dergelijke voorschriften  en beperkingen te handelen.      Hoofdstuk 4. Toezicht en handhaving    Artikel 4.1. Opvolgen aanwijzingen  Alle aanwijzingen en bevelen ter uitvoering van deze verordening gegeven door  politiefunctionarissen, gemeentelijke opsporingsambtenaren of ambtenaren als bedoeld in artikel  4.2, dienen stipt en onmiddellijk nagekomen te worden.     Artikel 4.2. Toezicht  Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast:  a. ambtenaren van politie als bedoeld in artikel 141, onderdeel b, van het Wetboek van  Strafvordering;  b. de door de voorzitter aangewezen buitengewoon opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel  142, eerste lid, onderdeel a, van het Wetboek van Strafvordering;   c. door de voorzitter aangewezen toezichthouders;   d. militairen van de Koninklijke marechaussee als bedoeld in artikel 141, onderdeel c, van het  Wetboek van Strafvordering.       Hoofdstuk 5. Slotbepalingen    Artikel 5.1. Bekendmaking en inwerkingtreding  Deze verordening wordt bekendgemaakt op www.veiligheisregioflevoland.nl en treedt  onmiddellijk na de bekendmaking in werking.     Artikel 5.2. Intrekking vorige noodverordening   Noodverordening COVID‐19 Veiligheidsregio Flevoland van 16 maart 2020, wordt ingetrokken.    Artikel 5.3. Overgangsrecht  Besluiten op basis van de Noodverordening COVID‐19 Veiligheidsregio Flevoland van 16 maart  2020, worden geacht te berusten op deze noodverordening.    Artikel 5.4. Citeertitel  Deze verordening wordt aangehaald als: Noodverordening COVID‐19 Veiligheidsregio Flevoland  van 26 maart 2020.   

Vastgesteld op 26 maart 2020 te Almere      De voorzitter van de Veiligheidsregio Flevoland            F.M. Weerwind